United Tax Network – The smarter choice

United Tax Network – The Smarter Choice

We Listen, We Commit, We Act.

Belgische meerwaardebelasting is in werking getreden op 1 januari 2026

 

Vanaf 1 januari 2026 gelden voor beleggingen die onder het normale beheer van het privévermogen vallen de volgende regels:

  1. Meerwaarden op financiële activa (financiële instrumenten, bepaalde verzekeringscontracten, cryptoactiva en liquiditeiten) worden belast tegen 10%, voor zover zij meer dan 10.000 EUR bedragen. Een overdraagbaar vrijstellingssaldo van maximaal 1.000 EUR per jaar kan worden meegenomen gedurende maximaal vijf jaar.

  2. Meerwaarden bij de verkoop van aandelen door een natuurlijke persoon die, alleen of samen met nauwe verwanten, zeggenschap uitoefent over de overnemende vennootschap, worden belast tegen 33% (zogenaamde interne meerwaarde / plus-values internes).

  3. Meerwaarden bij de verkoop van aandelen door een natuurlijke persoon die 20% van de aandelen van een vennootschap bezit (substantial shareholding), zijn vrijgesteld tot 1.000.000 EUR. Het gedeelte daarboven wordt belast aan progressieve tarieven van 1,25% tot 10%.
    Wanneer een substantiële participatie in een Belgische fiscale inwonervennootschap wordt overgedragen aan een niet-EER-vennootschap, geldt een meerwaardebelasting van 16,5%.

Meerwaarden die buiten het normale beheer van het privévermogen vallen, blijven belastbaar als diverse inkomsten tegen 33% (vermeerderd met lokale belastingen), overeenkomstig artikel 90, 1° WIB 92.

Aanschaffingswaarde van financiële activa verworven vóór 1 januari 2026

De nieuwe meerwaardebelasting is enkel van toepassing op meerwaarden opgebouwd vanaf 1 januari 2026. Voor financiële activa die vóór deze datum zijn verworven, geldt daarom als aanschaffingswaarde hun waarde op 31 december 2025.

  • Voor beursgenoteerde activa is dit de laatste slotkoers van 2025.

  • Voor niet-beursgenoteerde activa geldt als aanschaffingswaarde het hoogste van de volgende waarden:

    • de waarde waartegen het actief in 2025 werd overgedragen tegen vergoeding tussen onafhankelijke partijen; voor aandelen kan dit ook de inschrijvingsprijs zijn bij een kapitaalverhoging of oprichting in 2025;

    • de waarde die voortvloeit uit een waarderingsformule opgenomen in een contract of putoptie die van kracht is op 1 januari 2026;

    • voor aandelen en aandeelgerelateerde instrumenten: de eigenvermogenswaarde van de vennootschap, verhoogd met viermaal EBITDA, zoals blijkt uit de laatste jaarrekening vóór 1 januari 2026.

Bij wijze van uitzondering kan de belastingplichtige kiezen voor een waardering per 31 december 2025, opgesteld door een onafhankelijke bedrijfsrevisor of erkend accountant (die niet de gebruikelijke adviseur is), uiterlijk tegen 31 december 2027 (in plaats van 31 december 2026).

Nieuw is dat het inschakelen van een onafhankelijke bedrijfsrevisor of accountant ook mogelijk is voor andere financiële activa dan aandelen, wanneer hun waarde niet kan worden vastgesteld op basis van de andere methodes.

Voor vervreemdingen tot en met 31 december 2030 kan de belastingplichtige er bovendien voor kiezen om als aanschaffingswaarde de oorspronkelijke aankoopprijs te hanteren, mits voldoende bewijs.

Exit tax

Wanneer een Belgische fiscale inwoner zijn fiscale woonplaats naar het buitenland verplaatst, is hij onderworpen aan een exit tax. Deze belasting heeft betrekking op de meerwaarden opgebouwd tot het moment van vertrek, indien de betrokken activa binnen twee jaar na de verhuis worden vervreemd.

Er geldt een automatisch uitstel van betaling wanneer de belastingplichtige verhuist naar:

  • een EU-lidstaat,

  • een EER-land, of

  • een land waarmee België een dubbelbelastingverdrag heeft dat voorziet in informatie-uitwisseling en wederzijdse bijstand bij invordering.

Bij verhuis naar een ander land is uitstel van betaling mogelijk op voorwaarde dat voldoende zekerheden worden verstrekt.

In dezelfde logica geldt dat wanneer een niet-inwoner zich in België vestigt, de aanschaffingswaarde van de “ingevoerde” financiële activa gelijk is aan hun waarde op het moment van vestiging in België.


Inhouding van de meerwaardebelasting

De meerwaardebelasting zal in principe worden ingehouden door Belgische tussenpersonen op bepaalde financiële instrumenten en verzekeringscontracten (met uitzondering van onder meer substantiële deelnemingen en interne overdrachten), tenzij de belastingplichtige uitdrukkelijk afziet van deze inhouding.

Voor transacties zonder Belgische tussenpersoon moet de gerealiseerde meerwaarde worden aangegeven in de personenbelasting. Indien de aan de bron ingehouden belasting hoger is dan de definitief verschuldigde meerwaardebelasting, kan het overschot worden teruggevorderd via de belastingaangifte.

Meldingsplicht

Tot slot introduceert de wet een meldingsverplichting vergelijkbaar met DAC 6 voor personen die betrokken zijn bij:

  • de overdracht van een substantiële participatie, of

  • de realisatie van interne meerwaarden op aandelen.